Ik was nog heel klein toen ik voor het eerst een game speelde. Mijn ouders hadden een spelcomputer op de tv aangesloten waarbij je alleen maar met een joystick kon werken. Je kon er ook maar twee spelletjes op spelen: snowboarden en een pinguïn van het ene ijsblok naar het andere laten springen. Later kregen we een Nintendo Gameboy waarop ik Tetris kon spelen, maar veel meer spelletjes had ik niet. Bij een vriendin kwam ik heel vaak over de vloer, want die had een Saga met heel veel spelletjes.
Op de pc speelde ik soms ook games. Eerst had ik het spel Ski or Die, die op een floppy disc stond en waarbij je alleen de pijltjes toetsen kon gebruiken. Later speelde ik Sim City en nog een paar andere van dat soort spelletjes. Daarna kwam de Sims, het spel dat ik het vaakst heb gespeeld. Nu heb ik een Nintendo DS Lite, maar daar heb ik nog niet veel spelletjes voor. Ik speel eigenlijk vooral Brain Training.
Verslaafd aan games ben ik duidelijk nooit geweest. Verre van zelfs, als ik 2 uurtjes in de week games speelde was het veel. Het enige wat ik nu nog speel is heel af en toe Brain Training, maar verder niks. Ik heb dus ook geen PlayStation of Xbox of iets dergelijks, ook nooit gehad. Dat ik de Nintendo DS Lite heb is eigenlijk toevallig omdat mijn moeder hem ergens had gewonnen…Wat mij interesseert in games is vooral of ze historisch gezien kloppen. Ook al ben ik in het spelen van games zelf niet heel erg geïnteresseerd, dat soort dingen blijf ik me toch wel afvragen over games. Vooral bij games die zich zogenaamd in de Eerste of Tweede Wereld Oorlog afspelen, vraag ik mij af hoe ze de historische feiten daarin hebben verwerkt, vooral omdat dit vaak games zijn waarbij slechts één kant van het verhaal belicht wordt terwijl er juist bij deze oorlogen meerdere kanten aan het verhaal zitten.
woensdag 12 november 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten